Waar komt dat woord vandaan?
Van een Brusselse dokter die 'gas' bedacht tot een Deense koning in je koptelefoon.
- Gemiddeld
- 20 min
- 6 rondes
- Solo of in teams
Over deze quiz
Elk woord heeft een reisverhaal. Je ontdekt welke taal ons de sauna en de yoghurt gaf, hoe een Nederlands bolwerk een Parijse boulevard werd en waarom een Vikingkoning in je draadloze oortjes zit. Onderweg tel je de talen van Europa en schat je wanneer het grootste woordenboek ter wereld eindelijk af was.
Zo speel je deze quiz
Elke ronde heeft een eigen spelmechanisme. Iedereen antwoordt op de eigen smartphone en ziet de scores live.
- 1
Gemaakt in de Lage Landen
Opwarmer
De opwarmer die het vuur aansteekt.
Drie woorden die de wereld veroverden met een Nederlands of Vlaams geboortekaartje. Kies de juiste oorsprong.
Punten: Juist antwoord: 10 punten. De snelste juiste speler krijgt 5 bonuspunten.
7 vragen · 20 seconden per vraag
- 2
Uit welke taal?
Tussenronde
Snel denken, sneller tikken.
Vier leenwoorden, vier talen. Je hebt acht seconden om te zeggen waar het woord vandaan komt.
Punten: Hoe sneller je juist antwoordt, hoe meer punten: van 10 tot 2. Fout is 0 punten.
8 vragen · 8 seconden per vraag
- 3
Europa spreekt
Tussenronde
Hoeveel juiste antwoorden vind jij?
Eén vraag, 24 goede antwoorden. Typ zoveel mogelijk officiële talen van de Europese Unie; de Nederlandse namen volstaan.
Punten: Elk uniek juist antwoord: 3 punten. Vind je een antwoord dat niemand anders vond, dan krijg je 2 bonuspunten.
2 vragen · 45 seconden per vraag
- 4
Jaartallen van woorden
Tussenronde
Wie schat het dichtst bij de waarheid?
Twee jaartallen om te schatten. Wie het dichtst bij zit, pakt de punten.
Punten: De vijf beste schatters krijgen 10, 7, 5, 3 en 1 punt. Bij gelijke afstand delen spelers de punten.
5 vragen · 25 seconden per vraag
- 5
Namen die woorden werden
Tussenronde
Buzz eerst, antwoord daarna.
Twee buzzervragen over een koning en een gorilla die in onze taal zijn gekropen. Buzz zodra je het weet.
Punten: Juist na buzzen: 15 punten. Fout of te laat: 10 punten verlies en de vraag gaat naar de volgende buzzer, maximaal drie pogingen. Niet buzzen kost niets.
5 vragen · 30 seconden per vraag
- 6
Woorden met een verhaal
Finale
De finale waarin je alles kunt winnen of verliezen.
Drie laatste woordverhalen. Je ziet het thema, zet je punten in en pas dan komt de vraag.
Punten: Juist: je wint je inzet. Fout: je verliest je inzet. Je zet minstens 10 en hoogstens de helft van je punten in.
3 vragen · 20 seconden per vraag


